zaterdag 17 november 2018

Schuilen bij de Allerhoogste

Soms kunnen er situaties in ons leven zijn die ons zorg geven en benauwen, maar waar we niets (of weinig) aan kunnen doen.
In deze momenten is schuilen bij de Allerhoogste; onze toevlucht te zoeken bij Hem en Zijn woord het beste dat we kunnen doen.

‘God, U bent mijn toevlucht en mijn vesting,
U bent in hoge mate een hulp gebleken in benauwdheden, daarom zal ik (ook nu) niet bevreesd zijn.
Ja, zelfs al veranderde de aarde van plaats, werden de bergen verzet naar het hart van zee├źn; laat haar water maar bruisen, laat het maar schuimen, laat de bergen maar beven door haar onstuimigheid.
U, de Heere van de legermachten bent met mij; U, de God van Jacob, bent mijn veilige vesting.

Daarom is mijn ziel stil voor God, want van Hem is mijn heil.
Hij is mijn rots en mijn heil, mijn veilige vesting, ik zal niet teveel wankelen.
Ja, mijn ziel, wees stil voor God, want van Hem is mijn verwachting.
Het staat vast dat Hij mijn rots is en mijn heil, mijn veilige vesting: ik zal niet wankelen.
In Hem is mijn heil en mijn eer; mijn sterke rots, mijn toevlucht is in God!
Voor Zijn aangezicht stort ik mijn hart uit, en ik vertrouw op Hem, want Hij is mijn toevlucht.

Ik schuil bij de Allerhoogste, overnacht in de schaduw van de Almachtige.
Hij is mijn toevlucht en mijn burcht, de God op Wie ik vertrouw.
Hij beschut mij met Zijn vlerken, onder Zijn vleugels neem ik mijn toevlucht, Zijn trouw is een schild en een pantser.

Ja, Heere, U bent mijn toevlucht en mijn vesting; mijn hulp in benauwdheden, ik zal niet vrezen!
Ja, Heere, mijn ziel is stil voor U, want van U is mijn verwachting, mijn heil.
Ik vertrouw op U, o Allerhoogste.
U bent mijn toevlucht en mijn vesting.'

- Amen -


Naar: Psalm 46:2-4,8; Psalm 62;2,3,6-9; Psalm 91:1,2,4